Hassnae

Bouazza

Jihadisten

In de Japanse film 13 Assassins krijgt Samurai Shinza het verzoek ten strijde te trekken tegen de brute heer Naritsugu. Shinza is aanvankelijk geschokt door de wreedheden van Naritsugu, maar wordt al snel blij bij de gedachte zich nuttig te maken en een eervolle dood te kunnen sterven als Samurai in een tijdperk van Japanse vrede. Vervang Samurai door jihadist en we begrijpen iets meer van wat er in Syrië gaande is.

 

'Het volk wil de val van het regime!' Die leus klonk hard en herhaaldelijk tijdens de verschillende opstanden in onder andere Tunesië, Bahrein, Egypte, Jemen en Libië. Het volk wilde verandering en daar waar cynische stemmen beweerden dat buitenlandse machten de revoluties aanstuurden, begonnen de betogingen wel degelijk als echte volksopstanden die van binnenuit ontstonden uit onvrede, woede en een diep verlangen naar verandering en meer vrijheid. De moslimterroristen hadden het nakijken: een geweldloos volksprotest bleek effectiever dan hun terreur.

 

In Syrië keken de mensen toe via hun satellietzenders en vroegen zich af of zoiets ook bij hen mogelijk was. Groepen betogers waagden de stap naar de straten waarna de regering hard terugsloeg: de Syrische opstand was geboren. De roep om de val van het regime zou niet doven. Daar waar de strijd om een nieuwe samenleving in Egypte en Tunesië gevoerd wordt tussen de verschillende politieke en religieuze groeperingen binnen de landen zelf, is er in Syrië iets opmerkelijks aan de hand: het land wordt door sommigen gezien als het strijdtoneel van een heilige oorlog, een jihad, en trekt naïeve danwel gevaarlijke zielen aan die de complexe realiteit verwarren met een geromantiseerde fantasie waarin goed en slecht tegenover elkaar staan.

 

Vanaf het begin van de betogingen probeerde het Syrische regime deze weg te wuiven als kwaadaardige buitenlandse inmenging bedoeld om het land te dereguleren. De ironie wil nu dat het land en de strijd om een nieuw Syrië daadwerkelijk ontregeld worden door buitenlandse deelnemers die hun kans ruiken of die geronseld worden door schimmige facties.

 

Vanuit Vlaanderen en Nederland zijn jongeren vertrokken naar Syrië in de veronderstelling dat de gewone Syrische burger op hen zit te wachten en met het idee dat ze daar een heilige oorlog gaan voeren. En zoals zo vaak het geval: er zit een islamitisch kleurtje aan, dus reden voor grote paniek en dito woorden.

 

Maar deze jongeren verschillen in niets van de Nederlandse Tanja Nijmeijer die als lid van de Colombiaanse FARC tot de verbeelding spreekt en onderwerp is van bijna hysterische verslaggeving waaruit, al dan niet heimelijk, bewondering spreekt. Deze jongeren zijn niet anders dan de Britse schrijver George Orwell die mee vocht in de Spaanse burgeroorlog tegen het fascisme.

 

Net als Orwell en Nijmeijer denken de jongeren tegen 'het kwaad' te vechten en zoeken ze op deze manier naar een zinvolle invulling van hun bestaan. Zij gaan verder waar de politiek stopt: gefrustreerd met de voortdurende ellende in Syrië denken ze een bijdrage te leveren en hun Syrische broeders en zusters te helpen. De politiek praat over ingrijpen, deze jongeren doen het daadwerkelijk. Guy Verhofstadt wil een militaire interventie, deze jongeren interveniëren met lijf en leden. Hun ouders blijven radeloos achter.

 

De jongeren en hun ronselaars maken er echter ook een religieuze strijd van. De opstand in Syrië had als doel een eind te maken aan het Baath-regime en de hegemonie van de Assad-clan. De mensen wilden meer ademruimte, meer vrijheid, meer politieke keuze, geen religieuze versplintering. Het Assad-regime gebruikte juist de religieuze verschillen in de samenleving en waarschuwde voor sektarisch geweld als de protesten zouden voortduren en dat is precies wat er nu aan de hand is: allerlei groepen bemoeien zich met wat als een volksopstand begon en de strijd om vrijheid is een religieuze geworden met een martelaarsdood als hoogste beloning.

 

Maar dit is het echte leven, met echte mensen, geen scenario met bordkartonnen figuren die je zwart en wit kunt inkleuren om het overzicht tussen goed en kwaad duidelijk te houden. De gewone Syrische burger wil de ene tiran niet inruilen voor de andere despoot, al dan niet aangestuurd door Iran, Qatar, Saoedi-Arabië of een of ander hoger religieus doel. Syrië strijdt om haar voortbestaan, met gewapende gelukszoekers op zoek naar zingeving, avontuur of het martelaarschap is het land niet geholpen.

 

Eerder gepubliceerd in De Morgen.

 

© Hassnae Bouazza, 2013